Lijstje

10 dingen die ik niet leuk vind aan El Salvador:

  1. De WC die een broeiplaats is van muggen en daardoor een achterwerk vol met muggenbeten die oh zo jeuken.
  2. Pas gewassen, verse kleren aan, schoenen gepoetst en dan ´s morgens in Santa Marta op weg naar de school of naar de bus door de modder ploeteren. Van voor ik op het werk aankom al gedoopt!
  3. Mensen die me “Gringa” noemen, het vrouwelijke van “Gringo”, afkomstig van “Green Go!” “Groen Buiten!” De Amerikaanse soldaten buiten! Zij die tijdens de burgeroorlog zoveel leed zijn komen zaaien.
  4. Als ik dan uitleg dat ik geen Amerikaanse bent, en dat ze dan toch nog blijven onderstrepen dat ik wel erg lijk op een Amerikaanse.
  5. Mensen die spuwen, mannen én vrouwen, te pas en te onpas, gelijk waar, zelfs binnen in het lokaaltje waar ik werk en waar ik mag dweilen.
  6. Spinnen in mijn kamer.
  7. Kleren die niet drogen door de vochtigheid tijdens het regenseizoen en die beginnen stinken of schimmelen.
  8. Evangelische preekster op de bus die een bijna-dood-verhaal vertelt over een dolle koe die haar wou doden, maar God die die koe achteruitblies en zelfs haar nekvel deed flapperen. Alleluia – Amen!
  9. Een kiekenpoot in mijn soep, niet de bil hé, maar de poot met tenen en al.
  10. Altijd donker om 18u.

 

10 dingen die ik leuk vind aan El Salvador:

  1. Mensen die altijd glimlachen.
  2. Altijd wel een gesprek op de bus, met gelijk wie, bekend of onbekend volk.
  3. Uitzoeken wat de echte naam van iemand is. De meesten worden anders aangesproken dan dat ze eigenlijk noemen en soms is het verband moeilijk te leggen: Loncha voor Leonor, Chunga voor Jesús (vrouw), Chico voor Francisco, Quique voor Enrique, Chepe voor José, Chamba voor Salvador, Chave voor Isabel, Chenta voor Inocente… En er zijn er nog zoveel waarvan ik het nog niet heb kunnen intcijferen.
  4. Altijd warm.
  5. De solidariteit tussen (vooral de arme) mensen.
  6. De natuurlijkheid waarmee iedereen, maar echt wel iedereen, een ander het goede toewenst: bij afscheid komt ALTIJD de zin “Que te vaya bien” – “Het ga je goed”, bij het niezen zegt men ALTIJD “Salud” of “Jesús” – “Gezondheid” of “Jezus”, bij het eindigen van een telefoongesprek hoor je ALTIJD “Que estés muy bien” of “Cuidate” – “Alle goeds” of “Verzorg je”, vooral de oudere bevolking van de dorpen zeggen ALTIJD bij een ontmoeting “Bendito” – “Gezegend”, etc.
  7. Zelfs na 1 week regenen bij het begin van het regenseizoen de onvoorstelbaar rappe kleurwissel in de natuur: van alles dor bruin naar fris groen.
  8. 100 verschillende gerechten van maïs en bruine bonen, allemaal even lekker en het meest typische de Pupusas.
  9. Na het regenen de geur van natte aarde en eucaliptus.
  10. In ieders hart de wens, de hoop, de wil en het vaste geloof in een betere toekomst, ook al is de miserie soms o zo uitzichtloos.

~ door overfrijolesenanderebonen op augustus 25, 2010.

3 Reacties to “Lijstje”

  1. geniet van het ene en hou vol voor het ander zou ik zo zeggen!

  2. ze zijn allemaal zo herkenbaar. Maar voor ons blijft het positieve overheersen. El Salvador en zijn mensen zit diep in ons hart. XX

  3. 1 ding dat ik leuk vind aan Andelies: Ze komt binnenkort terug!

Geef een reactie

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log Out / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log Out / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log Out / Bijwerken )

Verbinden met %s

 
Follow

Get every new post delivered to your Inbox.